| Zorg voor de leerlingen |
Aanmelding en plaatsing van leerlingen
|
Wij adviseren ouders en/of verzorgers hun kind geruime tijd voor het 4 jaar
wordt aan te melden. Er kan een afspraak gemaakt worden met de
directie,
die zorgt voor informatie en een rondleiding door het gebouw en voor de
inschrijvingsprocedure. Daarbij wordt ook gevraagd naar gegevens uit de
baby- en peuterperiode, om vanaf het begin zo goed mogelijk te kunnen inspelen
op de mogelijkheden van een kind. Enkele weken voordat het kind vier jaar wordt, krijgt het ter verwelkoming een kaart met daarop de naam van de leerkracht(en), de groep waarin het geplaatst is en de dag waarop het kind op school verwacht wordt. Dan kunnen de ouders een afspraak maken met de groepsleerkracht om vooraf alvast een keer met hun kind te komen kennismaken met de klas. Er wordt ook contact gezocht met het kinderdagverblijf en/of de peuterspeelzaal die het kind bezocht heeft. |
![]() |
Wij streven er naar om de groepen zo evenwichtig mogelijk samen te stellen. Daarom is de plaatsing in een bepaalde groep van een kind dat op vierjarige leeftijd instroomt altijd een tijdelijke plaatsing. Als in de eerste twee maanden blijkt dat het kind speciale zorgen nodig heeft en daardoor de betreffende groep onevenredig zwaar wordt belast met zorgenleerlingen kan de schoolleiding besluiten het kind in een andere groep te plaatsen. Het belang van het kind en het belang van de groep worden daarbij zo zorgvuldig mogelijk te elkaar afgewogen.
Wanneer een leerling van een andere school komt, neemt de directie contact op met de vorige school. Bij verandering van school moet een onderwijskundig rapport worden verzonden door de “oude” school. Op die manier hebben wij snel zicht op de mogelijkheden van de nieuwe leerlingen.
In het schooljaar 2007-2008 zullen de scholen in het stadsdeel Stratum nieuw beleid ontwikkelen voor de aanmelding en plaatsing van leerlingen. De instroom van leerlingen per school kan mogelijk worden gereguleerd door:
-
vaststellen van het directe voedingsgebied per school (voor onze school in de
ruit Leostraat, Leenderweg, A2 en
Aalsterweg.)
- vaststellen van de maximale school- en groepsgrootte per
school aan de hand van de beschikbare lokalen.
- centrale voorlichtingsbijeenkomsten en/of centrale
aanmelding voor Stratumse scholen en SpILcentra.
Het planmatig volgen van de leerling
Binnen het systeem van leerstofjaarklassen streven we ernaar het onderwijs zo
te organiseren, dat er rekening wordt gehouden met de specifieke behoeften en
mogelijkheden van elk kind. Wie moeite heeft met bepaalde onderdelen krijgt
extra hulp of oefening. De meer begaafde leerlingen krijgen extra uitdagende
opdrachten.
Belangrijk binnen onze school is de planmatige aanpak. Deze aanpak omvat onder
meer de regelmatige bespreking van alle leerlingen door groepsleerkracht met een
lid van het zorgteam en de
interne begeleiders, het houden van groepsgewijze schoolonderzoeken, het
leerlingvolgsysteem, het afnemen van de Cito Entreetoets in groep 7 en de Cito
Eindtoets in groep 8, de interne begeleiding en het zorgoverleg waaraan ook de
adviseur leerlingenzorg van de onderwijsbegeleidingsdienst DOBA deelneemt.
Speciale zorg voor kinderen
Interne begeleiding
Op school zijn twee interne begeleiders (IB-ers) werkzaam. Deze IB-ers coördineren de
zorg van het gehele team voor alle kinderen die binnen de school meer dan de
gebruikelijke aandacht nodig hebben. De interne begeleiders worden bijgestaan
door het zorgteam en de adviseur leerlingenzorg van de DOBA. Deze adviseur is 10
ochtenden op school voor het zorgoverleg met de interne begeleiders.
De groepsleerkracht blijft verantwoordelijk voor de totale aanpak, maar de signalen worden besproken met de IB-ers. Er wordt een plan opgesteld, waarbij het hele proces tussen probleemverkenning en oplossing door de IB-ers wordt gestuurd. De IB-ers verzorgen presentaties voor het team met betrekking tot de aanpak van didactische en pedagogische onderwerpen op groepsniveau. Daarnaast doen zij uitgebreid didactisch procesonderzoek bij individuele leerlingen waarbij handelingsvoorstellen worden geformuleerd.
Zorgniveaus
Begeleiding van leerlingen vindt plaats in 5 zorgniveaus. Meer informatie
over deze zorgniveaus en de toelichting daarop vindt u in hoofdstuk 4 van de
schoolgids
(pdf-formaat).
Het overdragen van
leerlingen met speciale zorg
Om de doorgaande lijn van de zorgleerlingen zoveel mogelijk te waarborgen,
worden er aparte besprekingen gehouden bij de overdracht naar de volgende groep.
Hierbij worden alle onderzoeksgegevens en afspraken die van belang zijn
besproken met de volgende groepsleerkracht.
Dyslexieonderzoeken
De school draagt zorg voor een adequate aanpak bij problemen in de ontwikkeling
van het lezen. Bij de overgang naar het voortgezet onderwijs kunnen de gegevens
samengevat worden overgedragen na toestemming van de ouders.
Indien voor de begeleiding op het voortgezet onderwijs een dyslexieverklaring
wenselijk is, draagt het voortgezet onderwijs zorg voor de procedure en de
eventueel daarmee verbonden kosten in overleg met de ouders.
Doubleren en versnellen
Soms is het in het belang van het kind dat het verlenging van de onderwijstijd
in de kleutergroep krijgt of doubleert in één van de andere groepen. Daarbij
zijn zowel sociaal/emotionele factoren als didactische vorderingen van belang.
Een eventuele doublure wordt altijd in een bouwvergadering ‘zorg’ en met de
interne begeleiders besproken (omstreeks februari/maart). Soms wordt hierbij het
advies gevraagd van de adviseur leerlingenzorg van de DOBA. Zij volgen op basis
van hun kennis en vaardigheden een professionele besluitvormingsprocedure,
waarbij de belangen van het kind op Salto basisschool Floralaan voorop staan. De
ouders worden tijdig op de hoogte gesteld en nadrukkelijk betrokken in de
afweging of een kind zal moeten doubleren of niet. De uiteindelijke beslissing
wordt door de school genomen.
Bij de overgang van groep 3 naar groep 4 hanteert de school de criteria die
geformuleerd zijn in het Protocol Leesproblemen en Dyslexie. Dit houdt in dat
AVI 2 beheerst moet zijn en AVI 3 op instructieniveau gelezen moet worden. Het
goed kunnen lezen is een belangrijke voorwaarde voor schoolsucces. Het leren
lezen vindt plaats in groep 3. Het grootste deel van de onderwijstijd gaat
zitten in het leren lezen; de andere vakken zijn op dat moment minder van
belang. Wanneer een kind problemen heeft bij het leren lezen en deze minimumnorm
niet haalt, is het in het belang van het kind om groep 3 te doubleren. Kinderen
met leesproblemen en dyslexie hebben vooral behoefte aan meer instructie en
uitbreiding van leestijd.
In groep 4 vindt de versnelling en automatisering van het lezen plaats.
Tegelijkertijd neemt de instructietijd voor het lezen af. Andere vakgebieden dan
het lezen krijgen meer tijd en nadruk dan in groep 3. Een kind met een
onvoldoende leesniveau bij aanvang van groep 4 ondervindt grote problemen. Hij
of zij kan het tempo niet bijhouden en de teksten onvoldoende lezen. Er is
minder tijd en ruimte in het programma van groep 4 voor de leesinstructie.
Daarom heeft doubleren voor een kind met leesproblemen meer effect in groep 3
dan in groep 4. Kinderen met dyslexie blijven altijd problemen houden met lezen.
Toch kan een doublure in groep 3 voor een dyslectisch kind zeker zin hebben om
met een stevigere basis in groep 4 te starten. Voor deze kinderen blijft een
speciale aanpak en extra faciliteiten (zoals extra tijd) gedurende de hele
schoolcarrière noodzakelijk.
Doubleren in groep 3 houdt niet in dat een kind de hele leerstof weer moet
overdoen. Er wordt zorgvuldig besproken waar deze leerling behoefte aan heeft en
er wordt een handelingsplan opgesteld. Het kind krijgt zoveel mogelijk
instructie op eigen niveau en uitbreiding van leestijd. Indien mogelijk en
noodzakelijk krijgt het kind extra begeleiding buiten de groep.
Bij het volgen van de leerlingen wordt ook gekeken naar leerlingen met een
bijzonder voorspoedig verlopende ontwikkeling. In overleg met de ouders en met
het kind kan verbreding van de taken en opdrachten worden voorgesteld.
Indien er goede argumenten en concrete aanwijzingen zijn, die duiden op een
eventuele leertijdversnelling (tussentijds instromen in hoger leerjaar)dan zal
er een procedure worden gevolgd. Bij de betreffende leerling zullen versneld
o.a. toetsen uit het leerlingvolgsysteem worden afgenomen. Dit kan worden
aangevuld met verder onderzoek na een adviesgesprek met externe deskundige(n).
De voordracht voor versnellen van de leertijd is het resultaat van een overleg
tussen de groepsleerkracht(en) interne begeleider, directie en eventueel externe
deskundige(n). Ook hier geldt dat zij op basis van hun kennis en vaardigheden
een professionele besluitvormingsprocedure volgen, waarbij de belangen van het
kind op Salto basisschool Floralaan voorop staan. Ook in deze situatie is de
mening van de ouders en het kind belangrijk. Ouders kunnen argumenten en andere
aandachtspunten aandragen alvorens tot uitvoering van het besluit wordt
overgegaan.
Het onderwijs aan zieke leerlingen
Iedere school krijgt wel eens te maken met een leerling die ziek is. Meestal
komt een zieke leerling binnen afzienbare tijd weer terug naar school. Soms is
dat echter niet het geval en blijft de leerling langere tijd afwezig, of is
hij/zij vaker kort of chronisch ziek. Wettelijk gezien is de school waar de
zieke leerling staat ingeschreven verantwoordelijk voor de voortgang van het
onderwijsprogramma, ook gedurende de periode van ziekte. Ze kan daarbij
ondersteuning aanvragen bij de consulent Onderwijs aan Zieke Leerlingen (OZL).
In de regio ZuidoostBrabant wordt de Ondersteuning Onderwijs aan Zieke
Leerlingen in samenwerking verzorgd door de onderwijsbegeleidingsdiensten van
Helmond, Eindhoven en Eersel.
Bij een opname in het ziekenhuis kan de school samen met ouders vragen om
ondersteuning bij het onderwijs. De school vult een aanvraagformulier in. Dit
formulier dient door ouders en school ondertekend en opgestuurd te worden naar
het centrale kantoor van OZL in Eindhoven, t.a.v. consulenten OZL. Zo spoedig
mogelijk nadat een zieke leerling is aangemeld bij de OZL maakt de consulent
afspraken met de school. Er wordt gekeken naar aanpassingen in organisatie en
aanpak van het schoolwerk, prioriteiten in vakinhouden, leerstofspreiding op
langere termijn, de wijze waarop contacten met klasgenoten onderhouden kunnen
worden enz.
Indien ouders en/of de school daar behoefte aan hebben, kan de consulent
voorlichting geven over:
Leerlinggebonden financiering (kinderen met een rugzak)
Met ingang van 1 augustus 2003 kunnen leerlingen met een leerlinggebonden
financiering worden aangemeld bij het reguliere basisonderwijs, dus ook bij
onze school. Die leerlinggebonden financiering houdt in dat het leerlingen
met een handicap mogelijk wordt gemaakt naar een gewone basisschool te gaan.
Op Salto basisschool Floralaan willen wij alle leerlingen een verantwoord
onderwijsaanbod bieden. Vanuit die gedachte staan wij positief ten aanzien
van het aannemen van leerlingen die met een leerlinggebonden financiering
worden aangemeld.
Als de ouders een kind met leerlinggebonden financiering aanmelden, zal de
school samen met de ouders de hulpvraag van het kind bespreken en afwegen of
met de extra middelen die beschikbaar komen, de school aan die hulpvraag
tegemoet kan komen. Centraal hierbij staat het belang van het kind en de
mogelijkheden van de school om het ontwikkelingsproces van het kind te
ondersteunen.
Andere punten van afweging bij de toelating zijn ondermeer de draagkracht
van de groep waarin het kind wordt geplaatst, de ervaring van de leerkracht
die de leerling moet begeleiden, de situatie in het schoolgebouw, en de
inschatting die de school maakt om de leerling gedurende de rest van zijn
basisschoolloopbaan verantwoord te kunnen begeleiden. Het besluit om een
leerling toe te laten, is een besluit van het team van de school.
Als een kind wordt toegelaten, gebeurt dit op basis van een handelingsplan
dat wordt opgesteld in samenwerking met de ouders van het kind, de
trajectbegeleider van de school voor Speciaal Onderwijs, de groepsleerkracht
en de interne begeleider.
Na plaatsing: Als, na een gewenningsperiode van 6 weken en een periode van
twee keer drie maanden waarin tenminste twee kortdurende handelingsplannen
zijn uitgevoerd, blijkt dat er nauwelijks of geen betekenisvolle meerwaarde
te zien is vanuit de problematiek bij binnenkomst van de leerling, dan wordt
de ouders geadviseerd het kind alsnog aan te melden bij de school voor
speciaal onderwijs die wel tegemoet kan komen aan de hulpvraag van de
leerling.
Dit geldt ook voor leerlingen die al op school zitten waarbij tijdens de
schoolloopbaan een leerlinggebonden financiering wordt aangevraagd.
Dit advies is gebaseerd op:
Verwijzing
LWOO/Praktijkonderwijs en individuele leerlijn
Kinderen die in groep 8 in aanmerking komen voor een verwijzing naar LWOO (Leerweg-ondersteunend)
of Praktijkonderwijs worden tijdig gesignaleerd. In groep 5 of 6 wordt vaak al
duidelijk dat het kind een ernstige achterstand heeft op diverse vakgebieden.
Deze leerling zal een individuele leerlijn gaan volgen. Belangrijk hierbij zijn
de verwachtingen van het niveau dat de leerling op de diverse vakgebieden zal
kunnen behalen, rekening houdend met zijn mogelijkheden.
Deze leerlingen worden uitgebreid besproken met de interne begeleiders en er zal
advies gevraagd worden aan de adviseur leerlingenzorg van DOBA of andere externe
deskundige(n). Uiteraard worden ook ouders tijdig en uitgebreid op de hoogte
gesteld en betrokken bij het proces.
Er wordt een plan opgesteld dat regelmatig geëvalueerd en bijgesteld wordt. De
toetsen zullen aangepast worden aan het niveau van de leerling om de vorderingen
bij te houden en om te kijken of de leerling zich naar verwachting ontwikkelt.
Dit betekent dat bij de leerling toetsen van een lager leerjaar zullen worden
afgenomen voor de vakgebieden begrijpend lezen, rekenen en evt. spelling).
Resultaten van ons onderwijs
Naast de toetsen uit ons leerlingvolgsysteem maken alle leerlingen tenslotte in
groep 8 de Eindtoets Basisonderwijs van Cito. De score op deze landelijke toets
is voor onze school al jarenlang boven het landelijk gemiddelde.
Begeleiding naar het voortgezet onderwijs
Het is voor kind en ouders vaak een grote overgang van het basisonderwijs naar
het voortgezet onderwijs. Om een goede keuze te kunnen maken wordt in het najaar
een algemene informatieavond voor de ouders gehouden. Op die avond wordt
ingegaan op de vormen van voortgezet onderwijs en de verdere gang van zaken. In
december of januari gaan de kinderen uit de groepen 8 op bezoek bij een aantal
scholen voor voortgezet onderwijs. De kinderen maken dan zelf kennis met de
verschillende vormen van voortgezet onderwijs.
In de adviesgesprekken met de ouders vertelt de leerkracht welke vorm van
voortgezet onderwijs het meest geschikt lijkt voor het kind. Hierbij wordt
nadrukkelijk rekening gehouden met leerlingkenmerken als: werkhouding,
motivatie, doorzettingsvermogen, sociaal/emotionele vaardigheden. Deze
gesprekken vinden plaats voordat de leerlingen deelnemen aan de Cito-eindtoets.
De uitslag van die toets is een extra aanwijzing bij het gegeven advies. De
adviesgesprekken en de toets vinden plaats omstreeks februari.
Tegen de tijd van aanmelding op de scholen voor voortgezet onderwijs houden de
meeste scholen open dagen, waarop kind en ouders de school eens goed kunnen
bekijken.(Overigens kunnen ook leerlingen uit groep 7 alvast een kijkje gaan
nemen met hun ouders). In maart melden de ouders vervolgens hun kind aan bij een
school voor voortgezet onderwijs. De leerkracht vult voor de gekozen school een
informatieformulier in. In april neemt de toelatingscommissie van de gekozen
school een beslissing over de toelating.
Voor de leerlingen met een VMBO advies geldt een andere procedure. De ouders
worden al aan het begin van het schooljaar geïnformeerd.
Bijzondere activiteiten voor kinderen
![]() |
Ieder jaar vinden er een paar bijzondere activiteiten plaats. Voorbeelden
hiervan zijn de sportdag, de toneelochtenden, de schoolreisjes en de excursies.
In groep 5 gaan de leerlingen schoolzwemmen. In groep 6 krijgen ze schaatsles en
in groep 7 wordt tijd ingeruimd voor het behalen van het verkeersdiploma.
Jaarlijks nemen er ook meerdere teams deel aan het schoolhandbal, schoolvoetbal
en schoolkorfbaltoernooi. De begeleiding wordt verzorgd door ouders en een
leerkracht. Traditioneel gaat groep 8 aan het eind van het schooljaar enkele dagen op kamp. De kinderen van groep 8 sluiten hun basisschooltijd af met een onvergetelijke afscheidsavond. Verder zijn er mogelijkheden voor de kinderen om kennis te maken met allerlei sporten via “Sportformule”. Dit is een initiatief van de gemeente Eindhoven om kinderen te stimuleren buiten school aan sport te gaan doen. |
Logopedie
De logopedistes jeugdgezondheidszorg komen op school voor de preventieve
logopedie. Ze onderzoeken kinderen op spraak en taal, geven adviezen aan
leerkrachten en ouders en verwijzen zonodig door naar spraakles. De kinderen van
groep 1/2 en 4 t/m 8 worden op verzoek van leerkracht of ouders onderzocht. Van
groep 3 worden alle leerlingen onderzocht op spraak en taalproblemen. Onze
logopediste is Mevr. J. Vanhoof.
Hoofdluis
Om het hoofdluizenprobleem onder de duim te houden, vinden er controles plaats
na elke vakantieperiode. Dit gebeurt door een groep speciaal geïnstrueerde
ouders. Als er hoofdluizen of neten worden gevonden, zal de leerkracht van de
betreffende kinderen contact opnemen met de ouders. De kinderen kunnen pas na
behandeling weer terug naar school. Er wordt ook een informatiefolder van de GGD
meegegeven.
Wij vragen u uw kind zelf regelmatig te controleren op hoofdluis. Bij
constatering onmiddellijk behandelen en de school informeren. Pas na behandeling
kan uw kind weer naar school. Controleer ook alle huisgenoten. Vergeet niet
mutsen, petten, jassen, knuffels, kussens e.d. te wassen.
Anti-pest beleid
Pesten is het gedrag dat min of meer bewust gericht is op één of meer
kinderen en dat tot doel èn tot gevolg heeft, dat degene die gepest wordt, zich
gekwetst, geraakt, vernederd, afgewezen of buitengesloten voelt. Het is een vorm
van psychische mishandeling van kinderen die niet (meer) in staat zijn zich
daartegen te verdedigen.
Pesten komt meer voor dan men denkt: gemiddeld één op de twintig kinderen
heeft dagelijks last van pesterijen. Dag in, dag uit gaan zij met een enorme
tegenzin naar school. Slechts een klein deel van de gepeste kinderen vertelt
thuis of op school dat ze gepest worden. Pesten is dus een zeer belangrijk,
sluimerend probleem.
Onze school heeft zich achter het Nationaal Onderwijs Protocol tegen Pesten
geschaard. Er is een Protocol tegen Pesten opgesteld en aangenomen. In dit
protocol staan de voorwaarden opgesomd, waaraan voldaan moet zijn om krachtig
tegen het pestprobleem te kunnen optreden. De aanpak volgt het vijf-sporenbeleid,
waarin het probleem vanuit het oogpunt van elk van de vijf betrokken groepen
wordt aangepakt.
Deze vijf betrokken partijen zijn: De pester, het gepeste kind, de rest van de
groep, de leerkrachten, de ouders.
Ook is er een speciaal telefoonnummer voor kinderen die last ondervinden van
pesten 0800 2828280 tussen 14.00 en 17.00 uur ’s middags waar men gratis om
advies kan vragen of via
www.pestweb.nl
Vertrouwenspersoon in het kader van het anti-pestbeleid
Het kan gebeuren dat er problemen ontstaan die niet zomaar even kunnen worden
opgelost. Leerlingen, leerkrachten en ouders kunnen dan een beroep doen op de
vertrouwenspersoon van onze school. Indien van toepassing verwijst zij naar de
contactpersoon of vertrouwenspersonen klachtenregeling. Voor meer informatie
betreffende de werkwijze en telefoonnummers verwijzen wij naar de
schoolgids.
Klachtenregeling SALTO
U kunt met vragen, kritische opmerkingen en klachten, over uw kind en/of de
klassensituatie altijd terecht bij de groepsleerkracht van uw kind. Wanneer het
om algemene zaken gaat kunt u bij de directeur terecht.
De Klachtenprocedure:
Mochten er problemen zijn dan is het natuurlijk prettig dat u die eerst
probeert te bespreken en op te lossen met de direct betrokkene(n). We
spreken in dat geval van een melding. Mocht het bespreken van deze melding
geen oplossing bieden en/of is het wenselijk dat er door een onafhankelijke
commissie onderzoek wordt verricht, dan kunt u een formele klacht indienen
via de klachtenprocedure. De complete procedure met stappenschema is
verkrijgbaar bij de schooldirectie.
Iedere school is verplicht een klachtenregeling te hebben. Onze school heeft
deze dus ook. Hierin staat de procedure vermeld, die gevolgd wordt als er
een (ernstige) klacht is over bijvoorbeeld machtsmisbruik op school.
Het gaat vooral over seksuele intimidatie, ernstige vormen van pesten,
discriminatie, racisme en lichamelijk geweld. Het kunnen echter ook algemene
klachten zijn, bv. over het klimaat in de school, de hygiëne en/of
onderwijskundige zaken.
Onze school neemt deze zaken serieus en heeft daarom twee schoolcontactpersonen binnen de school bij wie leerlingen, ouders en personeelsleden terecht kunnen met een melding en/of een klacht. Deze zorgen voor de eerste opvang van de klager op school en eventuele begeleiding naar de externe vertrouwenspersoon of de directeur. Zij hebben een taak voor de eigen school in voorlichting over de klachtenregeling.
Dat zijn: mevr. Ine
Gielissen-Brans en mevr. Esther Verhoeven, tel. 040 – 2 112 112
De eigen leerkracht, eventueel samen met de schoolcontactpersoon, informeert
de kinderen over de taak/ functie van de schoolcontactpersoon.
Uiteraard gebeurt dit op een niveau dat de kinderen van de verschillende
leeftijdscategorieën dit kunnen begrijpen. Ook zijn er externe
onafhankelijke vertrouwenspersonen die ‘boven de partijen staan‘ (dus los
van de school en bestuur). Deze zijn er voor klachten van ouders en
personeel, maar ook voor degenen die liever niet naar een
schoolcontactpersoon gaan.
Vertrouwenspersonen klachtenregeling
Dhr. A.B.J. Lubbers
Centraal contactpersoon
Praktijkadres:
Snoekstraat 6
5615 SZ Eindhoven
Tel. 040 – 257 37 67
E-mail
praktijklubbers-ptb@hotmail.com
Mevr. P.A.C.G.M Dillen
Tel. 040- 201 46 05
E-mail
j.verdonk@chello.nl
Dhr. A.W. van Hoof
Tel. 040 - 243 52 99
E-mail van.hoof@kpnplanet.nl
Dhr. A.van der Meijden
Tel. 0497 – 38 75 34
Tel. 06 - 44 446 782
E-mail
advandermeijden@hetnet.nl
Meer informatie over de de klachtenregeling of klachtenprocedure kunt u vinden in hoofdstuk 4 van de schoolgids (pdf-formaat).